Ga naar de inhoud
Koorpartij-Oefening
Menu overslaan
Menu overslaan
Koorpartij-oefening
Menu overslaan
Koorpartij-oefening
Koorpartij-oefening.nl
Thomas Attwood Walmisley 1814-1856: Remember, O Lord, what is come upon us
Live recording of a public concert in St Paul's Cathedral, Wellington, New Zealand on 21 May 2005
Musica Sacra
Iain Tetley, tenor
Helen Edwards, soprano
Dr John Wells, organist
Dr Indra Hughes, conductor
Oefennummers.
Medley Les Miserables
Les Misérables, is een musical uit 1985 die is gebaseerd op het gelijknamige boek van Victor Hugo uit 1862. In 1980 werd de roman door Claude-Michel Schönberg en Alain Boublil bewerkt tot een Franse musical. Vijf jaar later werd een Engelse vertaling gemaakt. In 1991 vertaalde Seth Gaaikema de musical in het Nederlands. In 2019 vierde de musical zijn 35e verjaardag.[1] Op 13 juli 2019 sloot de originele West End-productie en werd op 16 januari 2020 vervangen door een nieuwe productie.[2]
Bekende nummers van deze musical, die een Tony Award voor beste musical won, zijn: "I Dreamed a Dream", "One Day More", "A Heart Full of Love", "Stars", "Bring Him Home", "Do You Hear the People Sing?", "Master of the House" en "On My Own".
In 2012 verscheen de gelijknamige filmversie van de musical.
Korte beschrijving van de verhaallijn en de personages
De personages in de musical hebben te maken met vele misstanden in Frankrijk. Ze willen signalen aan het volk geven om te gaan strijden en een revolutie te beginnen. De hoofdpersoon uit de musical, Jean Valjean, heeft vijf jaar in de gevangenis gezeten voor het stelen van een stuk brood, en nog veertien jaar voor vluchtpogingen. Hij komt voorwaardelijk vrij, maar door het aannemen van een nieuwe identiteit overtreedt hij de voorwaarden. De politie-inspecteur Javert komt achter Valjeans nieuwe identiteit en raakt geobsedeerd om hem te vinden. Fantine, een alleenstaande moeder, komt terecht in de prostitutie om haar dochter Cosette te helpen. De Thénardiers, onbetrouwbare herbergiers bij wie Cosette totaal verwaarloosd wordt, hebben Cosette in huis genomen. Hun echte dochter, Éponine, wordt in alles verwend en voorgetrokken. Na het overlijden van Fantine wordt Cosette geadopteerd door Jean Valjean. Cosette wordt later verliefd op Marius Pontmercy, een van de studentenopstandelingen. Éponine wordt later, net als Cosette, verliefd op Marius. Marius is echter al verliefd op Cosette. Studentenleider Enjolras plant samen met de studenten een revolutie (de Parijse Juni-opstand van 1832) om daarmee de armen te helpen. Gavroche is een straatkind dat de studenten helpt met hun plan. Verder bestaat het ensemble uit prostituees, studentenopstandelingen, fabrieksarbeiders en vele anderen.
Achtergrondinformatie
Cameron Mackintosh kreeg in 1982, zes maanden nadat hij de musical Cats op de planken zette, van regisseur Peter Ferago de muziek van de Franse versie van Les Misérables te horen. Ferago was verkocht toen hij de muziek hoorde en vroeg aan Mackintosh of hij een Engelse versie wilde produceren. Mackintosh had hier in het begin zijn twijfels over. Uiteindelijk besloot hij toch om een productie te starten. De journalist en dichter James Fenton zou in eerste instantie de Engelse liedteksten schrijven. Vervolgens kreeg Herbert Kretzmer de eer om dit te doen. Alain Boublil had de Franse liedteksten geschreven. Een deel van zijn werk heeft Kretzmer "ruw vertaald", een ander deel is strikt overgenomen vanuit het Frans naar het Engels. Ook zijn er extra liederen geschreven voor de Engelse versie, door zowel Kretzmer als Trevor Nunn. Trevor Nunn en John Caird kregen de regie in handen. De Royal Shakespeare Company zorgde ervoor dat de musical op de planken kwam. Roger Allam en Alun Armstrong, werknemers van dit bedrijf, werkten mee aan dit hele gebeuren. Op 8 oktober 1985 vond de première van de musical plaats in het Barbican Centre in Londen. Later verhuisde de productie naar het eveneens in Londen gelegen Palace Theatre. Nog later naar het Londense Queen's Theatre, waar de musical nog steeds draait. De meningen van recensenten over de musical liepen uiteen. Sommige literair geleerden vonden het prachtig om een stuk van de Franse literatuur te zien, anderen vonden de musical te zwaar. Al met al is de musical onder het publiek een groot succes.
Inhoudsbeschrijving
Acte I
1815, Digne
Jean Valjean is, na vijf jaar dwangarbeid wegens het stelen van een brood, en nog veertien jaar voor vluchtpogingen, voorwaardelijk vrijgelaten. Hij merkt dat zijn gele vrijheidsbrief, die hij bij wet verplicht is te tonen, hem veroordeelt tot het leven van een paria. Alleen de vrome Bisschop Myriel van Digne behandelt hem vriendelijk. Valjean, verbitterd door jaren van ontbering, "beloont" de goedheid van de bisschop door het stelen van diens zilveren bestek. Valjean wordt gearresteerd en teruggebracht door de politie. Hij is verbijsterd als de bisschop, om hem te redden, liegt tegen de politie en hem bovendien nog twee waardevolle kandelaars schenkt. (Omlaag, omlaag) Jean Valjean besluit heimelijk om een nieuw leven te beginnen, in strijd met de voorwaarden van zijn vrijlating. (Wat deed ik, Heer?)
1823, Montreuil-sur-mer
Het is acht jaar later. Valjean heeft zijn vrijlatingsbrief verscheurd en zijn naam veranderd in Monsieur Madeleine. Hij heeft zich opgewerkt tot eigenaar van een fabriek en burgemeester van Montreuil. Een van zijn werknemers, Fantine, heeft in het geheim een onwettig kind. Wanneer de andere vrouwen hierachter komen, eisen ze haar ontslag. De voorman, wiens avances zij heeft afgewezen, gooit haar op straat. (Aan het eind van de dag) Fantine zingt over haar gebroken dromen en over de vader van haar dochter die haar verlaten heeft. (Mijn droom) Wanhopig op zoek naar geld om medicijnen en de verzorging van haar dochter te betalen, besluit Fantine haar medaillon en haar prachtige haarlokken te verkopen. Ze sluit zich aan bij de prostituees en verkoopt zichzelf. (Lekkere meiden) Volkomen vernederd door haar nieuwe beroep raakt ze in gevecht met een potentiële klant. Op het moment dat Javert haar gevangen wil nemen verschijnt de burgemeester. (Fantines arrestatie) Bewust van zijn eigen verantwoordelijkheid in het lot van zijn voormalige fabrieksarbeidster eist Valjean dat ze naar een ziekenhuis wordt gebracht. Kort hierna redt burgemeester Monsier Madeleine een man die bekneld is geraakt onder een gekantelde kar. Dit herinnert Javert aan de buitengewone kracht van de veroordeelde nummer 24601, Jean Valjean, een man die zijn woord brak, een man die hij jarenlang achtervolgde en die hij naar eigen zeggen, zojuist gevangen heeft genomen. Valjean wil niet dat in plaats van hem een ander in de gevangenis terechtkomt en bekent dat hij veroordeelde 24601 is. (Wie ben ik?) Tot zijn grote verbazing wordt hij echter vrijgesproken van het zich niet houden aan de voorwaarden van zijn invrijheidstelling. Hij beseft dat hem nog weinig tijd rest om Fantine te bezoeken en haast zich naar het ziekenhuis. In het ziekenhuis belooft Valjean de stervende Fantine haar dochter Cosette te vinden en voor haar te zorgen. (Kom bij mij) Op dat moment komt Javert binnen om hem te arresteren, maar Valjean slaat Javert van zich af en ontsnapt. (Man tegen man)
1823, Montfermeil
Cosette woont al vijf jaar bij de familie Thénardier die een herberg drijft. Op vreselijke wijze misbruiken ze het meisje als sloofje terwijl ze hun eigen dochter Éponine mateloos verwennen. Cosette droomt van een beter leven. (Mijn luchtkasteel) Valjean vindt Cosette als ze in het donker water aan het scheppen is uit de put. Ondertussen vieren de Thénardiers feest, nadat ze verschillende manieren hebben gevonden om hun klanten op te lichten. (Baas van het hele spul) Hij betaalt de Thénardiers om Cosette mee te mogen nemen en brengt haar naar Parijs. Javert zit hem op de hielen. (De Thénardier Wals)
1832, Parijs
Negen jaar later; het is zeer onrustig in de stad vanwege de naderende val van de populaire generaal Lamarque, de enige man in de regering die zich het lot van de armen aantrekt. (Omlaag) Het straatkind Gavroche is in zijn element tussen de prostituees en armen van de hoofdstad. Een van de straatbendes wordt geleid door Thénardier en zijn vrouw. Ze proberen Jean Valjean en Cosette te overvallen. Deze worden ontzet door Javert die Valjean niet heeft herkend totdat deze zich in veiligheid heeft gebracht. Javert staart naar de sterren en zingt over zijn obsessie om Valjean te pakken te krijgen. (Ster) Éponine, de dochter van de Thénardiers die heimelijk verliefd is op de student Marius, stemt met tegenzin in hem te helpen Cosette te vinden, op wie Marius verliefd is geworden. In de tussentijd bereidt een groep idealistische studenten zich voor op de revolutie, die ongetwijfeld zal uitbreken als generaal Lamarque sterft. (Rood zwart) Als Gavroche het nieuws van de dood van de Generaal brengt, gaan de studenten onder leiding van Enjolras de straat op om steun van het volk te krijgen. (Hoor je 't zingen op de straat?) Alleen Marius is afgeleid door zijn gedachten aan die mysterieuze Cosette. Cosette wordt verteerd door haar gevoelens voor Marius. Valjean realiseert zich dat de veranderingen zich bij zijn "dochter" snel voltrekken, maar hij weigert haar iets over haar jeugd te vertellen. (In mijn hart) Ondanks haar eigen gevoelens voor Marius brengt een bedroefde Éponine hem naar Cosette. (Mijn hart zingt voor jou) Ze voorkomt bovendien een poging van haar vaders bende om het huis van Valjean te beroven. (Poging tot inbraak) Valjean, overtuigd dat het Javert was die zich bij het huis schuilhield, zegt Cosette dat ze zich moeten voorbereiden het land te ontvluchten. (Schimmen uit het verleden) Aan de vooravond van de revolutie bekijken de studenten en Javert de situatie vanuit verschillende gezichtspunten. Cosette en Marius zijn verscheurd door wanhoop, niet wetend of zij elkaar ooit weer zullen zien. Éponine treurt over het verlies van Marius, Valjean ziet uit naar de veiligheid van de ballingschap. Ondertussen dromen de Thénardiers van een rijke, clandestiene buit als gevolg van de chaos die gaat komen. (Nog een dag)
Acte II
De studenten bereiden zich voor op een barricade bouwen. Javert geeft zich uit als rebel en biedt zich aan om de regeringstroepen te bespioneren. Als Marius ziet dat Éponine zich heeft aangesloten bij de opstand, stuurt hij haar met een brief naar Cosette met het doel beiden in veiligheid te brengen. De brief wordt door Valjean onderschept in de Rue Plumet. Eponine besluit om, ondanks wat Marius tegen haar heeft gezegd, toch naar hem terug te gaan op de barricade. (Heel alleen) De barricade is gebouwd, de revolutionairen negeren een waarschuwing van het leger dat ze zich moeten overgeven of sterven. (In naam van de vrijheid) De kleine Gavroche ontmaskert Javert als spion van de politie. (Wij Ukkies) In een poging om terug te keren naar de barricade, wordt Éponine neergeschoten en sterft zij in de armen van Marius. (Regen maakt de velden groen) Valjean, op zoek naar Marius, komt op de barricade en redt het leven van Enjolras. Als beloning wordt hem de kans gegeven Javert te doden, maar in plaats daarvan laat hij hem gaan. De studenten installeren zich voor een nacht op de barricade. (Drink met mij op lang voorbij) In de stilte van de nacht bidt Valjean tot God om Marius te sparen in het vreselijk gevecht dat komen gaat. (Breng hem thuis) De volgende dag, wanneer de munitie dreigt op te raken, gaat Gavroche eropuit om meer te verzamelen. Hij wordt neergeschoten. Alle rebellen worden gedood, zo ook hun leider Enjolras. (Het beslissende gevecht) Valjean vlucht met de bewusteloze Marius op zijn schouder via de riolen. Thénardier doorkruist ook de riolen om de lijken te bestelen. (Hond eet hond) Terwijl Valjean even rust, steelt Thénardier een ring van de hand van de bewusteloze Marius. Valjean treedt nog eenmaal in het daglicht voor een confrontatie met Javert. Hij smeekt om tijd, zodat hij Marius naar het ziekenhuis kan brengen. Javert besluit om hem te laten gaan. Zijn onbuigbare principes over het recht zijn aan stukken geslagen door de barmhartigheid van Valjean. Hij doodt zichzelf door een sprong in het kolkende water van de Seine. (Javerts zelfmoord) Een aantal Parijse vrouwen heeft zich neergelegd bij de mislukte opstand en rouwen om de slachtoffers. (Cirkels) Marius rouwt om de dood van zijn vrienden. (Lege stoelen, lege tafels) Zich niet bewust van wie hem heeft gered, herstelt Marius door de goede zorgen van Cosette. (Elke dag) Valjean vertelt de waarheid over zijn verleden aan Marius. Hij staat erop weg te gaan zodra het jonge stel getrouwd is. Dat is beter dan de vroomheid en veiligheid van hun samenzijn door zijn aanwezigheid te besmetten. Op de bruiloft van Marius en Cosette (Bruiloftslied) proberen de Thénardiers Marius te chanteren. (Bedelaars op het feest) Monsieur Thénardier zegt dat Cosettes vader een moordenaar is en als bewijs laat hij een ring zien die hij gestolen heeft van het lijk in het riool op de dag dat de barricade viel. Het is Marius' eigen ring. Hij realiseert zich dat het Valjean was die hem die nacht heeft gered. Cosette en hij gaan naar Valjean waar Cosette voor het eerst in haar leven hoort over haar eigen verleden. De oude man sterft en verenigt zich met de geesten van Fantine, Éponine en al diegenen die stierven op de barricaden. (Finale)
Terug naar de inhoud