Koorpartij-oefening

Koorpartij-Oefening
Koorpartij-oefening
Koorpartij-oefening
Koorpartij-oefening.nl
Ga naar de inhoud
BWV 67
Kantate BWV 67 "Halt im Gedächtnis Jesum Christ"
(Johann Sebastian Bach (1685-1750)
solistenensemble stimmkunst Stiftsbarock Stuttgart
Leitung: Kay Johannsen
Aufführung im Rahmen des Zyklus Bach:vokal, Stiftskirche Stuttgart, 11.4.2013
Toelichting:
Nadat Bach op Goede Vrijdag 7 april 1724 voor het eerst zijn Johannes-Passion heeft uitgevoerd, behelpt hij zich voor de drie Paasdagen met bewerkingen van reeds bestaande cantates uit zijn Weimarer en Köthener periode. Voor de zondag na Pasen ('Beloken Pasen', Zondag Quasimodogeniti , 16 april) schrijft hij weer een gloednieuwe cantate, BWV 67, die zelfs door de gereserveerde Bacholoog Alfred Dürr beschouwd wordt als één van de großartigsten und originellsten Kantaten.
Deze rijke en compacte, slechts ongeveer een kwartier durende cantate is één van de weinige die al vroeg, voor de Tweede Wereldoorlog, een zekere populariteit genoot. Er zijn solo's voor alt, tenor en bas, niet voor een sopraan. In de instrumentale bezetting vallen, naast continuo, strijkers en twee hobo's d'amore, een traverso op en een 'corno da tirarsi'. De traverso is alleen in historisch perspectief opmerkelijk: BWV 67 is de eerste cantate waarin Bach hem gebruikt; tien dagen eerder, in de eerste versie van de Johannes-Passion ontbrak hij nog. Bach gebruikt de traverso hier nog wat onwennig, feitelijk slechts als tutti-instrument.
Van een 'corno da tirarsi', naar analogie van de tromba da tirarsi te vertalen met schuifhoorn, zijn geen exemplaren of afbeeldingen meer bekend. Bach schrijft hem slechts driemaal voor (BWV 46, 162 en 67, in de jaren 1723/24). Het instrument heeft waarschijnlijk een uitschuifbaar mondstuk of een schuifbare U-bocht gehad, zodat er niet alleen natuurtonen op konden worden gespeeld, maar alle chromatische tonen , en is het experimentele stadium nooit ontgroeid. Onlangs werden er 'hypothetische kopieën' van gebouwd door Olivier Picon (Basel) en Shimada voor het Bach Collegium Japan.
De kerk leest op deze zondag uit het evangelie van Johannes, hoofdstuk 20: 19-31, het verhaal van de apostel Thomas, die Christus´ opstanding uit de doden (Pasen) niet ongezien wilde geloven en zo symbool werd voor alle twijfelende gelovigen. Geïnspireerd door deze 'ongelovige Thomas‘ schrijft de Thomascantor een hecht gestructureerde, symmetrisch opgebouwde cantate over de thema´s hoop, onzekerheid en twijfel betreffende het centrum van het christelijk geloof, Christus´ verrijzenis, waarin de tegenstelling tussen geloof en ongeloof gaandeweg wordt gedramatiseerd.
Het libretto heeft, anders dan de meestal beschouwelijk-contemplatieve cantates, een opmerkelijk dramatische opbouw: de aan een brief van de apostel Paulus (2 Timotheüs 2: 8) ontleende bezwering Halt in Gedächtnis ... (1) correspondeert nog niet met het gevoel van de tenor (2), en ook de alt blijft bang (3), maar dan verschijnt Christus zelf, de bas, temidden van de twijfelende en belaagde gemeenschap (6) en besluiten allen in koraal (7) met een verstild slotlied.

Bron: Eduard van Hengel
Terug naar de inhoud