Ga naar de inhoud
Koorpartij-Oefening
Menu overslaan
Menu overslaan
Koorpartij-oefening
Menu overslaan
Koorpartij-oefening
Koorpartij-oefening.nl
Nimm von uns, Herr, du treuer Gott (Bux WV 78) :
Erste Teil Sonata, Versus 1, 2 / Zweite Teil Versus 3, 4 ·
Orchestra Anima Eterna · Dietrich Buxtehude · Jos van Immerseel · Collegium Vocale · The Royal Consort
Oefennummers:
Nimm von uns, Herr, du treuer Gott, (BuxWV 78)
Dietrich Buxtehude (ook Dieterich, Diderich of Diderik gespeld) (Helsingborg of Oldesloe, ca. 1637 – Lübeck, 9 mei 1707) was een Deense-Duitse componist, klavecinist, organist, muziekpedagoog en muziekorganisator van wie deexacte geboortedatum niet bekend is. Buxtehude is een van de markantste vertegenwoordigers van de Noord-Duitse barok en oefende vooral door zijn vrije orgelcomposities, die superieur zijn aan zijn koraalbewerkingen, grote invloed uit in Noord-Duitsland, ook op Johann Sebastian Bach, die hem bezocht en zijn werken bestudeerd heeft. Buxtehude werd geboren tijdens de Dertigjarige Oorlog en er is  slechts een vermoeden waar hij geboren is. De volgende steden komen in aanmerking als geboorteplaats (in volgorde van afnemende waarschijnlijkheid):
  • Helsingborg (toen Denemarken, nu Zweden)
  • Oldesloe in Holstein (Duitsland)
  • Helsingør (Denemarken)

Nimm von uns, Herr, du treuer Gott, BuxWV 78
Deze cantate, één der mooiste van Buxtehude, is een uitg­ebreide koraalbewerking op de melodie 'Vater unser in Himmelreich'. De tekst is van Martin Moller, 1584. Het werk opent met een Sonata, waarin het tremolo de sfeer aangeeft van de tekst: angstig smeken. Daarop volgen de vier stro­fen, die alle bijzonder rijk zijn aan harmonische ideeën. Bovendien is elke gedachte, elk woord bijna geschilderd met klank: effekten als angst, verachting, het smeken, de voldoening, troost, paniek, enz. worden pakkend geïllus­treerd en tot in de kleinste details madrigalistisch onder­streept. De koraalmelodie wordt in elke vers genereus versierd, maar steeds in functie van de tekst. Zoals bij alle Buxtehudewerken zijn de strijkers er om het gezongene op symbolische wijze te verduidelijken. Men vindt later, onder­ meer bij Schubert, hetzelfde meesterschap in de klavierbe­geleiding van de liederen. Het werk besluit met een prachtig uitgewerkt amen, echt pleonastisch zoals we dat alleen nog bij Bach zullen vinden.



Terug naar de inhoud